oktober 2026

mei 2026

december 2025

juli 2025

december 2024

oktober 2024

juli 2024

april 2024

december 2023

oktober 2023

Juli 2023

april 2023

december 2022

oktober 2022

juli 2022

april 2022

december 2021

oktober 2021

juli 2021

April 2021

December 2020

Juni 2020

Maart 2020

CAROLIEN HOVENIER
EVENEMENTEN EERSTEHULPVERLENER IN WEST-NEDERLAND

Rode Kruiser met oog voor de mens

Leestijd 5 minuten

“Je kunt al verschil maken door er gewoon te zijn”


Een hardlooprondje veranderde jaren geleden haar blik op hulpverlening. Inmiddels is Carolien Hovenier al bijna drie jaar vrijwilliger bij het Rode Kruis. Zo staat ze op evenementen, ondersteunt ze de straatarts en verleent ze zorg aan dak- en thuisloze mensen op de Koekamp in Den Haag. Wat haar het meeste raakt? Niet alleen de hulp die ze biedt, maar vooral het gevoel dat mensen er niet alleen voor staan.


Voor Carolien begon het allemaal met een confronterende ervaring. Tijdens een ochtendrun langs de Vliet in Delft zag ze in de verte een ambulance en een wit laken, met daaronder alleen nog een paar sportschoenen zichtbaar. “Ik dacht alleen maar: stel dat ik hier een kwartier eerder was geweest. Ik zou niet weten wat ik moest doen.” Het was de aanleiding om haar EHBO-diploma te halen. Via het bron- en contactonderzoek tijdens corona maakte ze kennis met het Rode Kruis. “Dat voelde meteen professioneel en goed georganiseerd. Toen dacht ik, waarom zou ik hier niet meer mee doen?”


Meer dan een verband aanleggen

Naast dat Carolien bij evenementen als de Lichtjesavond in Delft en de Marathon van Rotterdam paraat staat, zet zij zich in op de Koekamp in Den Haag. Daar verleent het Rode Kruis eerste hulp aan dak- en thuisloze mensen. “Sommige mensen denken dat we alleen kleine wondjes verzorgen, maar het gaat om veel meer dan dat.” De hulpvragen zijn vaak complex. Geïnfecteerde wonden, longklachten of mensen die de weg in de gezondheidszorg niet weten te vinden. “Soms spreken mensen geen Nederlands of Engels. Dan gebruik je Google Translate, maak je een afspraak bij de Huisartsenpost als zij die avond gezien moeten worden, of verwijs je ze door naar de straatarts en zorg je ervoor dat iemand de juiste hulp krijgt.” Maar minstens zo belangrijk is het menselijke contact. “Soms willen mensen gewoon hun verhaal kwijt. Dat ze zich gezien en gehoord voelen, is minstens zo belangrijk als de eerste hulp.”


Samen maak je het verschil

Eén ontmoeting zal haar altijd bijblijven. Een dakloze man die ze meerdere keren had geholpen, verloor zijn partner. Toen Carolien hem weer zag, bedankte hij haar uitgebreid voor alle keren dat zij en haar collega’s voor hen klaarstonden. “Op zo’n moment besef je dat je echt verschil kunt maken. Misschien niet door iets groots, maar juist door er steeds weer te zijn.” Dat is volgens Carolien ook de kracht van het Rode Kruis. “Je doet dit nooit alleen. Het is altijd teamwork. We staan er met collega’s die allemaal dezelfde motivatie hebben: mensen helpen.” Juist dat geeft haar energie. “Het zijn positieve mensen die iets voor een ander willen betekenen. Daar word ik zelf ook blij van.”

Vrijwilliger zijn betekent voor Carolien dan ook meer dan hulp verlenen. “Het geeft ontzettend veel voldoening. Het is gezellig, je ontmoet mensen met dezelfde instelling én je kunt iets betekenen voor iemand anders. Voor mij is dat echt heel waardevol.”

JAN WOLFERT
VRIJWILLIGER NOODHULPTEAMS EN LOCATIECOÖRDINATOR LOCATIE ZEEUW-VLAANDEREN

Vaste kracht binnen tien jaar Noodhulpteams


‘‘Zodra het Rode Kruis-uniform aangaat, zijn we allemaal één.’’

 

Jan Wolfert is al bijna negen jaar vrijwilliger bij het Rode Kruis. Inmiddels is hij actief binnen Noodhulpteams en als locatiecoördinator in Zeeuws-Vlaanderen. Hij is bij zijn locatie ‘het manusje van alles’ en krijgt energie van het helpen van anderen. Tegelijkertijd kijkt hij kritisch naar de toekomst van het Rode Kruis. Want hoe zorg je ervoor dat vrijwilligers betrokken blijven?

 

Zijn leven lang werkte Jan als melkveehouder. Toch kwam hij uiteindelijk bij het Rode Kruis terecht. Na een heftige periode, waarin zijn dochter ernstig ziek werd en hij een buurman probeerde te reanimeren, wilde hij meer kennis opdoen over eerste hulp. “Ik wilde toch iets meer weten, zodat ik meer kon doen.”

Tien jaar Noodhulpteams

Dit jaar bestaat Noodhulpteams tien jaar. Jan maakt zelf deel uit van dat team en weet hoe belangrijk het is dat vrijwilligers klaarstaan wanneer er onverwacht iets gebeurt. Zelf werd hij onder andere opgeroepen bij een busongeluk in ’s-Heerenhoek. “Je weet niet waar je voor moet klaarstaan.” Juist daarom zijn oefeningen en ervaring belangrijk. Tegelijkertijd kun je je volgens Jan nooit volledig voorbereiden op een grote noodsituatie. “Je wordt er gewoon naartoe gehaald en je kijkt wat er gebeurt. Elke inzet is een leermoment, zo zie ik het.” Dat maakt volgens Jan ook het belang van een goed op elkaar ingespeeld team duidelijk: als er echt iets gebeurt, moet je op elkaar kunnen vertrouwen.

Een hecht team

Jan werkt in een relatief klein team van zo’n vijftien vrijwilligers. Juist dat team is voor hem belangrijk. “We staan echt voor elkaar klaar.” De groep is bovendien divers, met vrijwilligers uit onder andere België en Polen en zowel jongere als oudere collega’s. “Iedereen is anders natuurlijk, maar zodra dat Rode Kruis-uniform aangaat, zijn we allemaal één.” Om die betrokkenheid vast te houden, vindt Jan het belangrijk dat er goed wordt geluisterd naar wat vrijwilligers nodig hebben. Zij combineren hun inzet immers met werk, familie en andere verplichtingen. “Je werkt met vrijwilligers en houdt daar rekening mee.”

Samen werken aan de toekomst

Jan ziet dat het aantal vrijwilligers in zijn omgeving door de jaren heen is afgenomen. Dat maakt het volgens hem extra belangrijk om mensen enthousiast te maken én betrokken te houden. Daarbij hoopt hij dat er ruimte blijft voor de ervaringen en ideeën van vrijwilligers uit de praktijk. Zelf wil hij daar graag aan blijven bijdragen, door klaar te staan voor zijn team, mee te denken en nieuwe vrijwilligers welkom te heten. “De waardering die ik krijg van mensen die ik geholpen heb, dat is de drive. Daar doe ik het voor.”

TINK LANGELAAN
REGIOCOÖRDINATOR JONGEREN NOORD-HOLLAND

Jonge bruggenbouwer

 

“Ik denk dat de wereld het stukje community wel een beetje mist.” 

 

Tink Langelaan is 24 jaar, werkt in de GGZ en volgt een opleiding tot verpleegkundige. Toen ze wat meer tijd kreeg, wilde ze graag vrijwilligerswerk doen. Niet zomaar iets, maar werk waarmee ze echt iets voor een ander kon betekenen. Zo kwam ze bij het Rode Kruis terecht, als regiocoördinator jongeren in Noord-Holland. Een rol die goed bij haar past: ze wil later misschien vaker coördinerend werk doen en kan hier ervaring opdoen én iets bijdragen aan de maatschappij.  

 

Iets betekenen én ervaring opdoen 

Als regiocoördinator richt Tink zich op Rode Kruisers tussen de 18 en 30 jaar. In Noord-Holland zijn dat momenteel 77 vrijwilligers, verspreid over verschillende locaties en met allerlei verschillende functies. Juist doordat op sommige locaties maar een paar jonge vrijwilligers actief zijn, is het waardevol om hen ook buiten hun eigen locatie met elkaar in contact te brengen.  

Het jongerenteam organiseert daarom activiteiten waar jongeren elkaar kunnen ontmoeten. Soms draait het vooral om gezelligheid, soms ook om vragen als: welke mogelijkheden zijn er binnen het Rode Kruis en hoe kun je je verder ontwikkelen? Tink wil daarbij vooral goed luisteren. Wat vinden jongeren belangrijk? Waar lopen ze tegenaan? En wat hebben ze nodig om zich thuis te voelen en actief te blijven bij het Rode Kruis? 

Samen bouwen aan een jongere community 

Tink doet dat nadrukkelijk niet alleen. De kracht zit juist in de samenwerking binnen een jongere community waarin verschillende rollen en ervaringen samenkomen. Tink werkt als regiocoördinator jongeren nauw samen met trainee-bestuurslid jongeren Laurens Grabijn, Jelle Zweers, die jongeren vertegenwoordigt in het landelijk platform, en Joanne Brienesse van de werkgroep Diversiteit, Inclusie en Gelijkwaardigheid in Noord-Holland. 

Door die samenwerking zijn de lijnen kort. Signalen van jongeren kunnen op verschillende plekken terechtkomen en andersom kan informatie vanuit bijvoorbeeld het bestuur of het landelijke netwerk snel worden gedeeld. Ook in het interview vertelt Tink dat juist die verschillende rollen bij elkaar komen in het jongerenteam en ieder vanuit diens eigen plek kan zorgen dat signalen verder worden gebracht.  

Diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid zijn daarbij geen los onderwerp, maar worden vanaf het begin meegenomen. Bij activiteiten wordt bijvoorbeeld nagedacht over toegankelijkheid en over wat verschillende jongeren nodig hebben om mee te kunnen doen en zich welkom te voelen.  


Noord-Holland als proeftuin 

Het jongerenteam in Noord-Holland is een pilot, maar staat nadrukkelijk niet op zichzelf. Het is onderdeel van een landelijke lijn om het jongerennetwerk binnen het Rode Kruis verder te versterken en jongeren beter met elkaar te verbinden. Aan die plannen wordt al ruim twee jaar gewerkt. 

Noord-Holland brengt die ambitie nu in de praktijk. Tink en het jongerenteam voegen daarmee letterlijk daad bij het woord: ze proberen uit wat werkt, halen ervaringen van jongeren op en kijken hoe jongeren beter geworven, verbonden en behouden kunnen worden. De lessen uit de pilot kunnen vervolgens helpen bij de verdere ontwikkeling van jongerenteams in andere regio’s. De ambitie is uiteindelijk dat jongeren in veel meer regio’s zo’n netwerk om zich heen krijgen. Tink vertelt dat de pilot in 2027 verder wordt uitgebouwd, met meer aandacht voor wat jongeren zelf nodig hebben en willen.  

Daarmee gaat het dus om meer dan een aantal leuke activiteiten in Noord-Holland. Het jongerenteam is een concrete stap in het bouwen aan een sterker landelijk jongerennetwerk, waarin jongeren elkaar makkelijker vinden, hun stem kunnen laten horen en zich ook voor langere tijd verbonden voelen met het Rode Kruis. 


Een plek waar je jezelf kunt zijn 

Dat laatste is voor Tink misschien wel het belangrijkst. Ze hoopt dat jonge Rode Kruisers een plek vinden waar ze zich veilig en verbonden voelen, waar ze zichzelf kunnen zijn en waar ruimte is om ervaringen met elkaar te delen. Zeker omdat sommige inzetten binnen het Rode Kruis behoorlijk intensief kunnen zijn. 

Tink vat het zelf mooi samen: “Ik denk dat de wereld het stukje community wel een beetje mist. Ik hoop dat ik op deze manier een klein stukje community in de wereld kan brengen.”  

En misschien is dat precies de kracht van deze pilot: niet alleen méér jongeren betrekken bij het Rode Kruis, maar ervoor zorgen dat zij zich er ook echt onderdeel van voelen.